Citaat | Raad van State 16 februari 2011
Alinea 44 Raad van State 16 februari 2011
Een alinea uit Raad van State 16 februari 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BP4737.
2.4. De minister betoogt voorts dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat hij niet deugdelijk heeft gemotiveerd op welke wijze de economische en financiële belangen van de Staat kunnen worden geschaad, dan wel sprake kan zijn van onevenredige bevoordeling of benadeling, indien de stukken die in de arbitrageprocedure ter kennis van NIFARP zijn gebracht, openbaar worden gemaakt. Volgens de minister heeft hij in het besluit van 15 april 2009 deugdelijk gemotiveerd dat bij bredere bekendmaking van de desbetreffende stukken de positie van de Nederlandse Staat in het geding kan komen, omdat hieruit kan worden afgeleid wat voor de Staat belangrijke punten zijn in de JSF business case. Ten aanzien van het beroep op artikel 10, tweede lid, aanhef en onder g, van de Wob heeft de minister zich op het standpunt gesteld dat de procespositie van de Staat in de arbitrageprocedure in relevante mate zal verslechteren bij openbaarmaking van de desbetreffende stukken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00bcfe059a4465b02f7f61534362c179b4ff6d8fe5e0b4a2bb22109dba06fd40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00bcfe059a4465b02f7f61534362c179b4ff6d8fe5e0b4a2bb22109dba06fd40, en de alinea staat in dat document op bytes 13525 tot 14510.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/00bcfe059a4465b02f7f61534362c179b4ff6d8fe5e0b4a2bb22109dba06fd40 | shasum -a 256