Citaat | Raad van State 7 september 2011

Alinea 50 Raad van State 7 september 2011

Een alinea uit Raad van State 7 september 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR6877.

De rechtbank heeft evenzeer terecht geoordeeld dat de minister zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat illegale uitzendarbeid, reeds omdat dit illegale arbeid is, niet meegeteld dient te worden bij de berekening van het representativiteitsvereiste. Dat, zoals de NVUB betoogt, de minister de illegale uitzendarbeid niet van de werkingssfeer van de cao's heeft uitgezonderd, als bepaald in artikel 2, eerste lid, van de Wet Avv, doet daaraan niet af. Zoals de minister in het verweerschrift terecht heeft gesteld, behoeft bij wet verboden arbeid niet uitdrukkelijk van de werkingssfeer van een cao te worden uitgezonderd en druist het meetellen van die arbeid bij de berekening van een meerderheid in de zin van dit artikel tegen de doelstelling van deze bepaling in. Immers wordt met het algemeen verbindend verklaren van cao-bepalingen beoogd goede en stabiele arbeidsverhoudingen in een bedrijfstak te waarborgen en neerwaartse loonconcurrentie tegen te gaan, terwijl illegale arbeid veelal gepaard gaat met te lage beloningen, slechte arbeidsomstandigheden en ontduiking van premies en belastingen, hetgeen oneerlijke concurrentie binnen een bedrijfstak met zich brengt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/701c19b7d0e6a0e6293d3301cb08ce2af9532d749328d2cf6486ce7446fec367. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 701c19b7d0e6a0e6293d3301cb08ce2af9532d749328d2cf6486ce7446fec367, en de alinea staat in dat document op bytes 17724 tot 18927.