Citaat | Raad van State 21 september 2011
Alinea 40 Raad van State 21 september 2011
Een alinea uit Raad van State 21 september 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BT2162.
Voor zover de rechtbank al aanleiding had dienen te zien de fax wel als zodanig verzoek te beschouwen, zij erop gewezen dat, zoals de rechtbank terecht heeft overwogen, uit de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 8:51a van de Awb en uit voormelde uitspraak van de Afdeling volgt dat een verzoek om verlenging van de in deze bepaling vermelde termijn slechts in bijzondere gevallen dient te worden verleend. Nu niet is gebleken van omstandigheden waaruit blijkt dat sprake is van een bijzonder geval, heeft de rechtbank terecht overwogen dat het college niet heeft voldaan aan het eindoordeel van de tussenuitspraak. Zij is daarom tot het juiste oordeel gekomen dat het besluit van 3 maart 2009, aangevuld bij besluit van 12 oktober 2010, nog immer lijdt aan de gebreken die in de tussenuitspraak zijn vastgesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b1f8b0db54f53391cd40c0e3b004da93b994cabb6de7d05f8619ed60d6a8c446. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b1f8b0db54f53391cd40c0e3b004da93b994cabb6de7d05f8619ed60d6a8c446, en de alinea staat in dat document op bytes 13406 tot 14242.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b1f8b0db54f53391cd40c0e3b004da93b994cabb6de7d05f8619ed60d6a8c446 | shasum -a 256