Citaat | Raad van State 7 december 2011

Alinea 113 Raad van State 7 december 2011

Een alinea uit Raad van State 7 december 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BU7074.

2.8.4. De Afdeling is van oordeel dat voor het opnemen van een beschermingsregeling niet is vereist dat de aanwezigheid van de archeologische sporen ter plaatse vast staat, doch dat aannemelijk is dat dergelijke sporen in het gebied voorkomen. Gelet op de CHW is de mogelijke aanwezigheid van archeologische sporen in dit geval aannemelijk gemaakt. ZLTO Dongen heeft geen feiten of omstandigheden aangevoerd waarin de raad ten tijde van het bestreden besluit aanleiding had moeten zien om nader onderzoek te laten verrichten. Voor zover ZLTO verwijst naar de uitspraak van 4 maart 2009 in zaak nr. 200705084/1 , overweegt de Afdeling dat de archeologische dubbelbestemming, anders dan in deze zaak, was gelegd op gronden die mede waren bestemd voor boomkwekers, die voor een normale bedrijfsvoering van wisselteelt afhankelijk zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cabe85f8c88ad46ad0eb7d609e80e0360cec4962f3faf2365ec1359d3fcd0952. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cabe85f8c88ad46ad0eb7d609e80e0360cec4962f3faf2365ec1359d3fcd0952, en de alinea staat in dat document op bytes 39485 tot 40502.