Citaat | Raad van State 7 december 2011
Alinea 107 Raad van State 7 december 2011
Een alinea uit Raad van State 7 december 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BU7098.
2.7.3. Onder verwijzing naar haar uitspraak van 9 december 2009 in zaak nr. 200801932/1 is de Afdeling van oordeel dat op het gemeentebestuur de plicht rust zich voldoende te informeren omtrent de archeologische situatie in het gebied alvorens bij het plan uitvoerbare bestemmingen kunnen worden aangewezen en concrete bouwvoorschriften voor die bestemmingen kunnen worden vastgesteld. Het voldoen aan die verplichting klemt temeer nu de Monumentenwet de mogelijkheid biedt - waarvan in dit plan gebruik is gemaakt - om de kosten voor het archeologische (voor)onderzoek voor rekening te laten komen van de grondeigenaren of -gebruikers. De wetgever is er immers vanuit gegaan dat die financiële lasten zo veel mogelijk voorzienbaar en vermijdbaar zijn. Het onderzoek dat nodig is voor de bescherming van archeologische (verwachtings)waarden kan blijkens de wetsgeschiedenis (Kamerstukken II 2003/04, 29 259, nr. 3, blz. 46) bestaan uit het raadplegen van beschikbaar kaartmateriaal, maar wanneer het beschikbare kaartmateriaal ontoereikend is, zal plaatselijk bodemonderzoek in de vorm van proefboringen, proefsleuven of anderszins nodig zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ececd13a47c81abe2b8a73ced42d85a9ae4714f7bc64fbacbf42161595e6de20. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ececd13a47c81abe2b8a73ced42d85a9ae4714f7bc64fbacbf42161595e6de20, en de alinea staat in dat document op bytes 31371 tot 32701.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ececd13a47c81abe2b8a73ced42d85a9ae4714f7bc64fbacbf42161595e6de20 | shasum -a 256