Citaat | Raad van State 7 december 2011

Alinea 110 Raad van State 7 december 2011

Een alinea uit Raad van State 7 december 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BU7098.

2.7.6. Ten aanzien van de percelen sectie G, nrs. 325, 326 en 63 heeft [appellant sub 19] niet aannemelijk gemaakt dat de bestreden dubbelbestemming een onevenredige belemmering zal vormen voor de agrarische bedrijfsvoering. Hierbij is in aanmerking genomen dat het normale onderhoud en gebruik is uitgesloten van de aanlegvergunninglicht. Voor het opnemen van een beschermingsregeling is niet vereist dat de aanwezigheid van archeologische sporen ter plaatse vast staat, doch dat aannemelijk is dat dergelijke sporen in het gebied voorkomen. Gelet op de Cultuurhistorische Waardenkaart is de mogelijke aanwezigheid van archeologische sporen in dit geval aannemelijk gemaakt, zodat nader onderzoek niet noodzakelijk is. Verder heeft de raad zich naar het oordeel van de Afdeling in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat aannemelijk is dat archeologische sporen in het gebied voorkomen. Dat een drainagesysteem in de bodem van de percelen sectie G, nrs. 325 en 63 is aangelegd, kan niet tot een ander oordeel leiden aangezien [appellant sub 19] niet aannemelijk heeft gemaakt dat alle mogelijk aanwezige archeologische sporen verdwenen zijn. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat ter zitting naar voren is gekomen dat zich tussen de buizen van het drainagesysteem voldoende grond bevindt waarin nog archeologische sporen aanwezig kunnen zijn. Bovendien kunnen zich ook nog onder het drainagesysteem archeologische resten bevinden. Het betoog faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ececd13a47c81abe2b8a73ced42d85a9ae4714f7bc64fbacbf42161595e6de20. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ececd13a47c81abe2b8a73ced42d85a9ae4714f7bc64fbacbf42161595e6de20, en de alinea staat in dat document op bytes 33532 tot 35005.