Citaat | Raad van State 21 december 2011
Alinea 29 Raad van State 21 december 2011
Een alinea uit Raad van State 21 december 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BU8912.
2.5. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat hij geen actueel en reëel belang meer heeft bij een oordeel over het bij de rechtbank bestreden besluit. Hiertoe stelt hij allereerst dat hij voornemens is naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad een klacht in te dienen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: het EHRM), nu het arrest van de Hoge Raad tot gevolg heeft dat zijn rechten zoals neergelegd in de artikelen 8 en 9 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden worden geschonden. Voorts betoogt hij dat de rechtbank heeft miskend dat de bestuursrechtelijke procedure over het verkrijgen van een vergunning los staat van de civielrechtelijke procedure die over het verkrijgen van de toestemming, beide als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Wlb. Ook zonder de toestemming kan de burgemeester de vergunning verlenen; van deze vergunning kan in dat geval slechts geen gebruik worden gemaakt, aldus [appellant].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0e22912049d8b64ed71236789585b932f26729f991326700573fcc9f7d52df6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0e22912049d8b64ed71236789585b932f26729f991326700573fcc9f7d52df6, en de alinea staat in dat document op bytes 11272 tot 12305.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d0e22912049d8b64ed71236789585b932f26729f991326700573fcc9f7d52df6 | shasum -a 256