Citaat | Raad van State 1 februari 2012
Alinea 32 Raad van State 1 februari 2012
Een alinea uit Raad van State 1 februari 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV2400.
De rechtbank heeft verder terecht geen belang gehecht aan het gegeven dat de materialen die in de woning zijn aangetroffen een concentratie cocaïne bevatten die verwaarloosbaar is ten opzichte van gangbare concentraties op gebruikersniveau en dat [appellant] kopers wenste te misleiden over de betreffende materialen. Uit de verklaringen die zijn opgenomen in de processen-verbaal van de verhoren van [persoon A] en [persoon B] en het rapport van het onderzoek van het NFI van 2 september 2009 volgt dat in de woning heroïne is verkocht, zijnde een stof als bedoeld in artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6daaca2880af5d9666e74ee845017f99e57d79d3bdda59a6e44d0ab5478cf1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6daaca2880af5d9666e74ee845017f99e57d79d3bdda59a6e44d0ab5478cf1a, en de alinea staat in dat document op bytes 13935 tot 14560.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b6daaca2880af5d9666e74ee845017f99e57d79d3bdda59a6e44d0ab5478cf1a | shasum -a 256