Citaat | Raad van State 7 maart 2012

Alinea 25 Raad van State 7 maart 2012

Een alinea uit Raad van State 7 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV8078.

2.2. [appellante] betoogt dat, samengevat weergegeven, de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de minister het bezwaar gericht tegen het besluit van 4 december 2009 terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat dit te laat zou zijn ingediend. Zij voert daartoe aan dat sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding omdat zij het besluit van 4 december 2009 nooit heeft ontvangen, tot de betekening van een dwangbevel op 4 augustus 2010 van voormeld besluit geen kennis heeft kunnen nemen en derhalve eerst op 9 augustus 2010 daartegen bezwaar heeft kunnen maken. [appellante] betoogt dat de minister niet aannemelijk heeft gemaakt dat het besluit van 4 december 2009 op die dag is verzonden. Uit de door de minister overgelegde uitdraai van het registratiesysteem Gisai blijkt volgens haar slechts dat de datum 4 december 2009 als de verzenddatum van het besluit is ingevoerd, maar dat van de daadwerkelijke verzending geen administratie wordt bijgehouden. Zij stelt dat er nog van alles heeft kunnen misgaan tussen de invoering van de verzenddatum en de daadwerkelijke verzending van voormeld besluit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ccfc081cbbf5ef482dc53ba67d783b9582d73457cc46dd2a2636caf79e98df62. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ccfc081cbbf5ef482dc53ba67d783b9582d73457cc46dd2a2636caf79e98df62, en de alinea staat in dat document op bytes 8320 tot 9451.