Citaat | Raad van State 21 maart 2012

Alinea 83 Raad van State 21 maart 2012

Een alinea uit Raad van State 21 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV9509.

2.7.1. De rechtbank heeft overwogen dat zij bij uitspraak van 29 januari 2008 heeft geoordeeld dat de minister zich op het standpunt heeft mogen stellen dat artikel 10, tweede lid, aanhef en onder g, van de Wet openbaarheid van bestuur aan openbaarmaking van de correspondentie van de Europese Commissie en de Nederlandse Staat in de weg staat en dat niet valt in te zien dat de minister vanwege de geheimhouding van deze correspondentie geen boete zou mogen opleggen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/32538680654257c3d268a35786426c445a801eba20826070f7a765092cd401e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 32538680654257c3d268a35786426c445a801eba20826070f7a765092cd401e8, en de alinea staat in dat document op bytes 30979 tot 31460.