Citaat | Raad van State 21 maart 2012
Alinea 32 Raad van State 21 maart 2012
Een alinea uit Raad van State 21 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV9511.
2.6.1. Dit betoog slaagt. De rechtbank heeft ten onrechte overwogen dat de verletkosten, nu deze niet voldoende zijn toegelicht, niet voor vergoeding in aanmerking komen. Dat [appellant] deze kosten in beroep niet heeft gespecificeerd brengt anders, dan de rechtbank heeft overwogen, niet met zich dat hij daarom in het geheel geen aanspraak op vergoeding van de verletkosten kan maken. Zoals de Afdeling in voormelde uitspraak van 3 januari 2007 heeft overwogen is, indien de verletkosten bij de rechtbank niet zijn gespecificeerd, plaats voor vergoeding van het minimumtarief. De rechtbank had, nu om verletkosten is verzocht en voorts niet is gebleken van feiten of omstandigheden op grond waarvan een proceskostenveroordeling met betrekking tot deze kosten achterwege moest blijven, aanleiding moeten zien om de verletkosten op een forfaitair bedrag vast te stellen. Voor het overige geldt dat [appellant] met de enkele vermelding van zijn uurtarief als freelancer en verwijzing naar een uitspraak van de rechtbank Breda waarbij dit uurtarief zou zijn vergoed, de hoogte van zijn verletkosten in hoger beroep niet met gegevens of bescheiden voldoende heeft gestaafd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/20ce67f264284ed8bbbd72d741f69ef6ae577aec6a236275f76b6820d431c9fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 20ce67f264284ed8bbbd72d741f69ef6ae577aec6a236275f76b6820d431c9fe, en de alinea staat in dat document op bytes 12120 tot 13303.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/20ce67f264284ed8bbbd72d741f69ef6ae577aec6a236275f76b6820d431c9fe | shasum -a 256