Citaat | Raad van State 11 april 2012

Alinea 89 Raad van State 11 april 2012

Een alinea uit Raad van State 11 april 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW1621.

Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (onder meer de uitspraak van de Afdeling van 14 maart 2007 in zaak nr. 200604911/1; www.raadvanstate.nl), is de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het EVRM overschreden, indien de duur van de totale procedure onredelijk lang is. Voorts heeft, zoals de Hoge Raad (hierna: de HR) heeft overwogen en waarbij de Afdeling zich aansluit, voor de beslechting van het geschil in eerste aanleg als uitgangspunt te gelden dat deze niet binnen een redelijke termijn geschiedt, indien de rechtbank niet binnen twee jaar nadat die termijn is aangevangen uitspraak doet en dat deze termijn aanvangt op het moment dat vanwege het betrokken bestuursorgaan jegens de beboete een handeling is verricht waaraan deze in redelijkheid de verwachting kan ontlenen dat aan hem een boete zal worden opgelegd (arrest van de HR van 22 april 2005, nr. 37984; AB 2006, 11).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb47fe9ad43d94a1b28c5fecaef6ca6caff9a733382869a8ea6da678026754a0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb47fe9ad43d94a1b28c5fecaef6ca6caff9a733382869a8ea6da678026754a0, en de alinea staat in dat document op bytes 34309 tot 35232.