Citaat | Raad van State 13 april 2012

Alinea 46 Raad van State 13 april 2012

Een alinea uit Raad van State 13 april 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW4295.

2.8. Ten slotte betoogt de vreemdeling dat de minister voor V&I ten onrechte niet heeft beoordeeld of de intrekking van de hem verleende verblijfsvergunning in strijd met het door artikel 8 van het EVRM beschermde recht op zijn gezins- en privéleven is. Volgens hem kon die minister die beoordeling gezien de artikelen 94 van de Grondwet en 13 van het EVRM niet achterwege laten. Hierbij heeft hij aangevoerd dat hij ten gevolge van stress en spanning aan chronische hoofdpijn lijdt, dat zijn echtgenote vanwege haar medische problemen van hem afhankelijk is en dat alle leden van zijn gezin de Nederlandse nationaliteit hebben.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b344a697a1c9a7b45cc55c5d3a3887473e22b41fe11e44a73b8c32a5fef9850d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b344a697a1c9a7b45cc55c5d3a3887473e22b41fe11e44a73b8c32a5fef9850d, en de alinea staat in dat document op bytes 19970 tot 20616.