Citaat | Raad van State 2 mei 2012
Alinea 196 Raad van State 2 mei 2012
Een alinea uit Raad van State 2 mei 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW4561.
2.25.5. Wat betreft de stelling van Gasalarm2 en SOOB dat de ministers zich ten onrechte, onder verwijzing naar het TNO/KNMI-rapport, op het standpunt hebben gesteld dat bij een aardbeving met een magnitude van 3.9 matige schade, maar geen schade in een hogere categorie zal ontstaan, wordt als volgt overwogen. Prof. B.H. Hager van het MIT heeft tijdens de discussiebijeenkomst op 14 januari 2010 aangegeven dat de intensiteit van een aardbeving met een magnitude van 3.9 tussen de VI en VII, maar dichter bij de VII, ligt op de EMS, hetgeen betekent dat veel gebouwen van klasse B en enkele van klasse C matige schade lijden en dat enkele gebouwen van klasse B aanzienlijke tot zware schade lijden. In het door Gasalarm2 overgelegde rapport 'Maximale horizontale grondsnelheid bij bevingen in de Bergermeer' van 10 januari 2012, opgesteld door Cator en Van Zwet (hierna: het Cator en Van Zwet-rapport), staat dat het mogelijk is dat de in het TNO/KNMI-rapport voorspelde grondsnelheden van aardbevingen in de Bergermeer te laag zijn en dat de werkelijke schade van een aardbeving in de Bergermeer hoger kan uitvallen. In het NORSAR/NGI-rapport wordt op basis van extrapolatie van de gegevens die betrekking hebben op de aardbevingen in 2001 geconcludeerd dat een aardbeving met een magnitude van 3.9 een maximale intensiteit van VII+ op de EMS heeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d4cd5826ddf4d90fda5c3c7eaecf9f38f7d483314196333958da1807a63d4bd6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d4cd5826ddf4d90fda5c3c7eaecf9f38f7d483314196333958da1807a63d4bd6, en de alinea staat in dat document op bytes 116459 tot 117824.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d4cd5826ddf4d90fda5c3c7eaecf9f38f7d483314196333958da1807a63d4bd6 | shasum -a 256