Citaat | Raad van State 19 april 2012

Alinea 37 Raad van State 19 april 2012

Een alinea uit Raad van State 19 april 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW4915.

Volgens de minister heeft de rechtbank, door te overwegen dat zij in de onderliggende stukken geen steun heeft gevonden voor de aan de vreemdeling in dat ambtsbericht verweten gedraging dat zij via versluierd taalgebruik opdrachten van een hoger geplaatst kaderlid van de DHKP/C ontvangt, miskend dat uit de overige in het ambtsbericht geconstateerde gedragingen, waarvoor de rechtbank volgens voormelde rechtsoverweging voldoende grondslag heeft gevonden in de onderliggende stukken, reeds volgt dat de vreemdeling via versluierd taalgebruik opdrachten van een hoger geplaatst kaderlid van de DHKP/C ontving. Bovendien geven volgens de minister die overige gedragingen op zichzelf bezien reeds voldoende aanleiding voor het oordeel dat de vreemdeling een gevaar vormt voor de nationale veiligheid. De minister wijst in dit verband op de als bijlage bij het hogerberoepschrift overgelegde en aan hem gerichte brief van 5 augustus 2011 van het waarnemend hoofd van de AIVD, waarin deze mededeelt dat naar zijn mening de onderliggende stukken van het ambtsbericht voldoende grondslag bieden voor de aan de vreemdeling verweten gedraging en dat hij voorts van mening is dat de vreemdeling ook op grond van de overige geconstateerde gedragingen in het ambtsbericht als gevaar voor de nationale veiligheid wordt beschouwd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e41e3bda0049c89cfeca01a48b4999347c3015184f724d0f77e76f131ad9d820. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e41e3bda0049c89cfeca01a48b4999347c3015184f724d0f77e76f131ad9d820, en de alinea staat in dat document op bytes 11684 tot 13016.