Citaat | Raad van State 10 mei 2012

Alinea 28 Raad van State 10 mei 2012

Een alinea uit Raad van State 10 mei 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW6196.

2.2.6. De rechtbank heeft naar aanleiding van deze verklaringen Naam 1 ter zitting als getuige gehoord. In zijn verklaring van 3 november 2009 heeft Naam 1 – die, zoals hij ter zitting van de rechtbank heeft verklaard, van 1993 tot 2004 in Azerbeidzjan gedetineerd is geweest – vermeld dat hij in juni 1996 van celgenoten heeft vernomen dat vreemdeling 1 voor drie jaar is gedetineerd. In de verklaring van 24 mei 2010 heeft Naam 1 vermeld dat hij in 1996 samen met vreemdeling 1 in dezelfde gevangenis heeft gezeten. Ter zitting van de rechtbank heeft Naam 1 desgevraagd toegelicht dat hij niet samen met vreemdeling 1 in een cel heeft gezeten, dat de door zijn zoon opgestelde vertaling van de verklaring van 24 mei 2010 wellicht niet helemaal juist is, en dat hem in 1996, toen hij zich in de dodencel bevond, is verteld dat vreemdeling 1 ook gevangen zat, in een andere gevangenis. De rechtbank heeft overwogen dat Naam 1 kan worden aangemerkt als objectieve bron, omdat niet is gebleken dat hij familie is van de vreemdelingen, met hen bevriend is of anderszins een vertrouwensband met hen heeft, omdat hij in Nederland is erkend als vluchteling en omdat uit de algemene ambtsberichten inzake Azerbeidzjan van 2009 en 2010 blijkt dat hij inderdaad tot 2004 is gedetineerd geweest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2dd0d470990d3bed35aafd2080fc6347d4614d9895eacb27304ce4053b6dace2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2dd0d470990d3bed35aafd2080fc6347d4614d9895eacb27304ce4053b6dace2, en de alinea staat in dat document op bytes 10354 tot 11656.