Citaat | Raad van State 7 november 2012

Alinea 41 Raad van State 7 november 2012

Een alinea uit Raad van State 7 november 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY2508.

Ten aanzien van het belang van eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer wordt in aanmerking genomen dat de MHRA, blijkens een aan het college gerichte brief van 17 oktober 2011, heeft uiteengezet dat in de Britse praktijk onderzoekers, wier expert opinions aan een beoordelingsdossier worden toegevoegd, er in beginsel van mogen uitgaan dat hun personalia niet openbaar worden gemaakt. De MHRA heeft er daarbij op gewezen dat openbaarmaking van de namen veiligheidsrisico's voor de desbetreffende personen kan opleveren, omdat zij werkzaam zijn voor bedrijven die in het verleden onderhevig zijn geweest aan aanvallen of intimidaties door dierenrechtenactivisten. Aan deze door de MHRA geschetste omstandigheden heeft het college in redelijkheid een zwaar gewicht kunnen toekennen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8e12e7ec9bc7a3bab42b5d5513e9f6472db3d029855af307c2686473882a074. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8e12e7ec9bc7a3bab42b5d5513e9f6472db3d029855af307c2686473882a074, en de alinea staat in dat document op bytes 18652 tot 19450.