Citaat | Raad van State 14 november 2012
Alinea 33 Raad van State 14 november 2012
Een alinea uit Raad van State 14 november 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY3025.
4.1. Een bestuursorgaan moet bij de aanwending van een bevoegdheid, als waar het hier om gaat, ingevolge artikel 5:46, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, de hoogte van de boete afstemmen op de ernst van de overtreding en de mate waarin deze aan de overtreder kan worden verweten. Daarbij moet rekening worden gehouden met de omstandigheden, waaronder zij is begaan. De minister kan omwille van de rechtseenheid en rechtszekerheid beleid voeren inzake het opleggen van boetes en de hoogte ervan. Ook indien het beleid door de rechter niet onredelijk is bevonden, dient de minister bij de toepassing daarvan steeds te beoordelen of die voldoet aan de eisen die aan de aanwending van de bevoegdheid worden gesteld. Indien dat niet het geval is, dient de boete, in aanvulling op of in afwijking van het beleid, zodanig te worden vastgesteld, dat deze wel aan die eisen voldoet. De rechter beoordeelt zonder terughoudendheid of dit is gebeurd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f0bf2beaa0d88e2363f16ec5788b64b1e093b9752e3eafac8f8ef9e2febd2981. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f0bf2beaa0d88e2363f16ec5788b64b1e093b9752e3eafac8f8ef9e2febd2981, en de alinea staat in dat document op bytes 15988 tot 16962.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f0bf2beaa0d88e2363f16ec5788b64b1e093b9752e3eafac8f8ef9e2febd2981 | shasum -a 256