Citaat | Raad van State 19 december 2012
Alinea 38 Raad van State 19 december 2012
Een alinea uit Raad van State 19 december 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY7272.
4.1. Volgens paragraaf C3/2.3.6.4. van de Vreemdelingencirculaire 2000 (hierna: de Vc 2000) kan de staatssecretaris, indien een vreemdeling op basis van bijzondere, individuele omstandigheden aannemelijk maakt dat het overdragen van de vreemdeling aan de verantwoordelijke lidstaat van een onevenredige hardheid getuigt, ook in dergelijke individuele gevallen gebruik maken van de bevoegdheid van artikel 3, tweede lid, van de Verordening. Welke aspecten in dit kader een rol kunnen spelen, is niet zonder meer te duiden nu het met name zal gaan om de omstandigheden van het geval en in hoeverre deze bijzondere omstandigheden kunnen leiden tot de conclusie dat voortzetting van de Dublinprocedure onevenredig hard is. Daarbij is de enkele aanwezigheid van medische aspecten niet voldoende om te spreken van bijzondere omstandigheden, omdat de medische voorzieningen in beginsel vergelijkbaar worden verondersteld tussen de lidstaten en het interstatelijk vertrouwensbeginsel er eveneens van uitgaat dat de voorzieningen in de lidstaten - indien geïndiceerd - ook ter beschikking staan voor de Dublinclaimant. Dit lijdt slechts uitzondering indien een vreemdeling aannemelijk maakt dat dit uitgangspunt in zijn of haar geval niet opgaat, aldus de Vc 2000.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/134d2c725be1071b51116af73106acc274255ce861c1b4c456ea1e1864e87efe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 134d2c725be1071b51116af73106acc274255ce861c1b4c456ea1e1864e87efe, en de alinea staat in dat document op bytes 15208 tot 16478.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/134d2c725be1071b51116af73106acc274255ce861c1b4c456ea1e1864e87efe | shasum -a 256