Citaat | Raad van State 3 juli 2013

Alinea 40 Raad van State 3 juli 2013

Een alinea uit Raad van State 3 juli 2013, ECLI:NL:RVS:2013:111.

4.4. Ingevolge artikel 6, derde lid, aanhef en onder d, van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: het EVRM) heeft een ieder tegen wie een vervolging is ingesteld in het bijzonder het recht de getuigen à charge te ondervragen of doen ondervragen en het oproepen en de ondervraging van getuigen à décharge te doen geschieden onder dezelfde voorwaarden als het geval is met de getuigen à charge.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7dca3305e0ec706b13a13dcd5a2fdbd6e40ee009cd7b1af27a836aa127d618e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7dca3305e0ec706b13a13dcd5a2fdbd6e40ee009cd7b1af27a836aa127d618e8, en de alinea staat in dat document op bytes 18901 tot 19365.