Citaat | Raad van State 9 oktober 2013

Alinea 31 Raad van State 9 oktober 2013

Een alinea uit Raad van State 9 oktober 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1457.

Gelet op vaste jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: EHRM) (bijvoorbeeld EHRM, Fadeyeva tegen Rusland, arrest van 9 juni 2005, nr. 55723/00; www.echr.coe.int.) dient voor een geslaagd beroep op artikel 8 EVRM sprake te zijn van een situatie waarin klagers direct worden geraakt in hun privéleven/huisrecht. Voorts moeten negatieve effecten voldoende ernstig zijn. Daarbij wordt gekeken naar de omstandigheden van het geval, zoals de intensiteit en duur van de overlast en de effecten op de fysieke en psychische gezondheid alsmede de aard van de omgeving. Het EHRM betrekt hierbij de heersende wetenschappelijke inzichten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5b8917c7b050c8783086551f202c7722432b7aca0bc3eb5dfb23568b30924c0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5b8917c7b050c8783086551f202c7722432b7aca0bc3eb5dfb23568b30924c0, en de alinea staat in dat document op bytes 8810 tot 9482.