Citaat | Raad van State 23 oktober 2013
Alinea 65 Raad van State 23 oktober 2013
Een alinea uit Raad van State 23 oktober 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1671.
4.1. Zoals de Afdeling heeft overwogen in de uitspraak van heden in zaak nr. 201301126/1/A3, is het gerechtvaardigd te achten dat de minister op basis van artikel 132c, zesde en zevende lid, van de Wvw 1994 is gekomen tot de vaststelling van de in artikel 21, eerste lid, van de Regeling opgenomen kosten. Gesteld noch gebleken is dat deze kosten de werkelijke kosten met betrekking tot het opleggen en de uitvoering van het asp te boven gaan. Artikel 21, eerste lid, van de Regeling voorziet er niet in dat het CBR bij het opleggen van een asp rekening houdt met de financiële draagkracht van de betrokkene. In het betoog van [appellant] dat hij door de te zijnen laste komende kosten onevenredig wordt benadeeld, wordt, bezien in het licht van de doelen van het asp en de door de betrokkene te maken afweging of de mogelijkheid over het rijbewijs voor motorrijtuigen van de categorie B te beschikken opweegt tegen het moeten voldoen van de kosten van het asp, geen grond gezien voor het oordeel dat het CBR deze bepaling in dit geval buiten toepassing had dienen te laten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cbc4ed60a726a47cbc68f5e090ad1ec075f2a0ed8ad13e90ca90131256adefbb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cbc4ed60a726a47cbc68f5e090ad1ec075f2a0ed8ad13e90ca90131256adefbb, en de alinea staat in dat document op bytes 26884 tot 27972.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cbc4ed60a726a47cbc68f5e090ad1ec075f2a0ed8ad13e90ca90131256adefbb | shasum -a 256