Citaat | Raad van State 10 juli 2013
Alinea 46 Raad van State 10 juli 2013
Een alinea uit Raad van State 10 juli 2013, ECLI:NL:RVS:2013:181.
5. Voorts heeft de rechtbank volgens hen miskend dat de minister de bijzondere positie die beiden in deze zaak innemen ten onrechte niet bij de beoordeling heeft betrokken. Zij hebben beiden bij de AIVD gewerkt. Daarnaast zijn beiden voorwerp van onderzoek van de AIVD in verband met het vermoeden van het lekken van informatie vanuit de organisatie naar de pers. Gelet op hun bijzondere positie, heeft de rechtbank bovendien ten onrechte overwogen dat de minister, hoewel de verzoeken artikel 49 van de Wiv niet uitdrukkelijk vermelden, die verzoeken terecht niet tevens als tot toepassing van die bepaling heeft opgevat, aldus [appellanten].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e70f166bde227964100d33f0d7ea6031f9d99f0d8ca8b276bf9d3e4e67c98301. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e70f166bde227964100d33f0d7ea6031f9d99f0d8ca8b276bf9d3e4e67c98301, en de alinea staat in dat document op bytes 15917 tot 16573.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e70f166bde227964100d33f0d7ea6031f9d99f0d8ca8b276bf9d3e4e67c98301 | shasum -a 256