Citaat | Raad van State 13 november 2013

Alinea 376 Raad van State 13 november 2013

Een alinea uit Raad van State 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1889.

36.3. Zoals de Afdeling meermalen heeft overwogen (onder meer in de uitspraak van 29 september 2010 in zaak nr. 200809200/1/R1) rust op het gemeentebestuur de plicht om zich voldoende te informeren omtrent de archeologische situatie in het gebied alvorens bij het plan uitvoerbare bestemmingen kunnen worden aangewezen en concrete bouwvoorschriften voor die bestemmingen kunnen worden vastgesteld. Het onderzoek dat nodig is voor de bescherming van archeologische (verwachtings)waarden kan blijkens de geschiedenis van totstandkoming van de Wet op de archeologische monumentenzorg (Kamerstukken II 2003/04, 29 259, nr. 3, blz. 46) bestaan uit het raadplegen van beschikbaar kaartmateriaal, maar wanneer het beschikbare kaartmateriaal ontoereikend is, zal plaatselijk bodemonderzoek in de vorm van proefboringen, proefsleuven of anderszins nodig zijn. In hetgeen [appellante sub 11] heeft aangevoerd ziet de Afdeling geen grond voor het oordeel dat de gemeentelijke archeologische verwachtingskaart onzorgvuldig tot stand is gekomen. Nu op de kaart het perceel van [appellante sub 11] als verwachtingsvol gebied is aangemerkt, heeft de raad in redelijkheid de bestemming "Waarde - Archeologie 2" hieraan kunnen toekennen. Verder ziet de Afdeling in hetgeen [appellante sub 11] heeft aangevoerd geen grond voor het oordeel dat de raad niet een groter gewicht heeft kunnen toekennen aan de onderzoeksplicht dan aan het belang van [appellante sub 11]. Het betoog faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b48407e7f774608969b0d700b7c99d8bc9263cdcebfa561e38b3fa81514a5301. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b48407e7f774608969b0d700b7c99d8bc9263cdcebfa561e38b3fa81514a5301, en de alinea staat in dat document op bytes 125250 tot 126728.