Citaat | Raad van State 13 november 2013
Alinea 65 Raad van State 13 november 2013
Een alinea uit Raad van State 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1908.
Voorts is aan het vermoeden dat [appellant A] in strijd handelt met de Opiumwet ten grondslag gelegd dat uit de jaarstukken van de coffeeshop over de jaren 2006 tot en met 2009 en informatie van de Belastingdienst over de jaren 2005 tot en met 2009 volgt dat de coffeeshop structureel een handelsvoorraad heeft van in ieder geval meer dan 500 gram softdrugs. Voorts heeft ETS te kennen gegeven dat uit de bij haar ter beschikking staande financiële gegevens blijkt dat de waarde van de voorraad softdrugs die in de coffeeshop aanwezig is geweest per balansdatum 31 december 2007, 2008, 2009 en 2010 telkens € 3.750,00 was. Uit een verklaring van [appellant A] volgt dat hij verantwoordelijk is voor de inkoop van de softdrugs en dat hij deze afhankelijk van de prijs per halve kilo of per kilo inkoopt. Hij heeft verklaard dat de inkoopprijzen wisselend zijn, maar dat deze ongeveer liggen tussen € 3.500,00 en € 4.000,00 per kilo. Gelet op de jaarrekeningen en de verklaringen van [appellant A] en ETS, mocht de burgemeester zich op het standpunt stellen dat de handelsvoorraad in de desbetreffende jaren structureel meer dan 500 gram was. Anders dan [appellanten] betogen, heeft de rechtbank niet ten onrechte de bewijslast omgekeerd, nu het op hun weg lag om aannemelijk te maken dat het door de burgemeester ingenomen standpunt in weerwil van het genoemde bewijsmateriaal onjuist is. Met de overgelegde verklaring van ETS hebben [appellanten] evenwel niet aannemelijk gemaakt dat zij in de desbetreffende jaren de maximaal toegestane handelsvoorraad niet hebben overschreden. Uit deze verklaring volgen slechts de door de coffeeshop gerealiseerde omzetten over de jaren 2006 tot en met 2010. Uit deze omzetten kan evenwel niets worden afgeleid over de daadwerkelijk aanwezige handelsvoorraad in de coffeeshop. Ook anderszins hebben [appellanten] niet aannemelijk gemaakt dat zij de maximaal toegestane handelsvoorraad niet hebben overschreden. Aan de door de Belastingdienst uitgevoerde controles kan niet de door [appellanten] gewenste betekenis worden toegekend, nu deze betrekking hebben op de handelsvoorraad op 23 maart 2010 en 22 maart 2011. De rechtbank heeft verder terecht in aanmerking genomen dat het betoog van [appellanten] over de handelsvoorraad niet verenigbaar is met een verklaring van [appellant A] dat hij meestal hoeveelheden softdrugs inkoopt tot maximaal ongeveer vijf kilogram, dat hij zijn andere broer [appellant A] in februari 2011 ruim 22 kilo wiet liet kopen ten behoeve van de coffeeshop en dat hij het pand aan de [locatie 2] huurt voor de opslag en verwerking van softdrugs. Overigens heeft [appellant A] dit laatste ter zitting bevestigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3023f212f4e17e214996eb2ac70970ed92663bac20b2f7648ea8086dbbd66c95. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3023f212f4e17e214996eb2ac70970ed92663bac20b2f7648ea8086dbbd66c95, en de alinea staat in dat document op bytes 27761 tot 30456.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3023f212f4e17e214996eb2ac70970ed92663bac20b2f7648ea8086dbbd66c95 | shasum -a 256