Citaat | Raad van State 7 augustus 2013
Alinea 44 Raad van State 7 augustus 2013
Een alinea uit Raad van State 7 augustus 2013, ECLI:NL:RVS:2013:643.
5.1. Bij beantwoording van de vraag of zich in een concreet geval een overtreding heeft voorgedaan, geldt, gelet op de waarborgen die voortvloeien uit artikel 6, tweede lid, van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: het EVRM), als uitgangspunt dat op het bestuursorgaan de bewijslast rust van een overtreding. In geval van twijfel dient aan de betrokkene het voordeel van de twijfel te worden gegund (vergelijk overweging 4.8.3 van het arrest van de Hoge Raad van 15 april 2011 in zaak nr. 09/03075, ECLI:NL:HR:2011:BN6324).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/04eb5fed0beaf35a683d69d11368f41ef563e971ebe1b4ad8cdc6d4c06ca000a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 04eb5fed0beaf35a683d69d11368f41ef563e971ebe1b4ad8cdc6d4c06ca000a, en de alinea staat in dat document op bytes 15719 tot 16311.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/04eb5fed0beaf35a683d69d11368f41ef563e971ebe1b4ad8cdc6d4c06ca000a | shasum -a 256