Citaat | Raad van State 16 april 2014

Alinea 63 Raad van State 16 april 2014

Een alinea uit Raad van State 16 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1290.

7.1. Het horen vormt een essentieel onderdeel van de bezwaarschriftenprocedure. Het bezwaar mag slechts kennelijk ongegrond worden verklaard, in welk geval van het horen kan worden afgezien, indien er op voorhand redelijkerwijs geen twijfel over mogelijk is dat de bezwaren niet kunnen leiden tot een andersluidend besluit. Gelet op het primaire besluit van 18 januari 2012 en de daartegen door [appellanten] aangevoerde bezwaren, had de staatssecretaris hen in de gelegenheid moeten stellen om zich tijdens een hoorzitting uit te laten over de vraag of wel een dwangsom kan worden verbeurd wegens het niet tijdig nemen van een dwangsombesluit. De staatssecretaris heeft ten onrechte van het horen afgezien wegens kennelijke ongegrondheid van het bezwaar ingevolge de artikelen 7:2, eerste lid, en 7:3, aanhef en onder b, van de Awb.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c4cb16cfea9be5753143ce71f0b515ea6548697cccbf137e5d644991eecc9c04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c4cb16cfea9be5753143ce71f0b515ea6548697cccbf137e5d644991eecc9c04, en de alinea staat in dat document op bytes 22725 tot 23571.