Citaat | Raad van State 16 april 2014

Alinea 161 Raad van State 16 april 2014

Een alinea uit Raad van State 16 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1298.

De Afdeling ziet echter geen aanleiding om het besluit waarbij het bestemmingsplan is vastgesteld te vernietigen, nu niet aannemelijk is dat in dit geval belanghebbenden door schending van artikel 3:11, eerste lid, van de Awb zijn benadeeld. Daartoe overweegt de Afdeling dat de bedoelde onderzoeken zijn vermeld in de toelichting bij het ontwerpplan, zodat belanghebbenden van het bestaan van de onderzoeken op de hoogte konden zijn. [appellant sub 4] had de stukken gedurende de terinzagelegging van het ontwerp kunnen opvragen en kunnen verkrijgen, opdat hij deze kon betrekken bij zijn zienswijze dan wel het gebrek in een zienswijze tegen het ontwerp van het plan aan de orde stellen. Niet aannemelijk is dat eventuele andere belanghebbenden een zienswijze zouden hebben ingediend indien de onderzoeken ter inzage zouden zijn gelegd. Aangenomen mag worden dat deze eventuele andere belanghebbenden een zienswijze naar voren zouden hebben gebracht waarin zou zijn gewezen op het niet ter inzage liggen van de stukken, dan wel dat zij, na desgevraagd inzage te hebben gekregen in de stukken, na kennisneming daarvan een zienswijze naar voren zouden hebben gebracht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ceaed00d0bcf12ebe8492ad4633dbb5ad65eb1581006b8c85fa10d439b4c502. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ceaed00d0bcf12ebe8492ad4633dbb5ad65eb1581006b8c85fa10d439b4c502, en de alinea staat in dat document op bytes 57502 tot 58683.