Citaat | Raad van State 16 april 2014

Alinea 66 Raad van State 16 april 2014

Een alinea uit Raad van State 16 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1298.

7.1. De raad stelt zich op het standpunt dat de verleende vergunningen en vrijstellingen betrekking hebben op perifere detailhandel in de woninginrichtingsbranche. Volgens de raad kunnen de aanvragen en de bijbehorende en gewaarmerkte bouwtekeningen niet los van elkaar gezien worden. In de aanvraag om de bouwvergunning/vrijstelling van 12 september 1983 is vergunning gevraagd voor het oprichten van een showroom voor meubelverkoop. De aanvraag van 1 november 1999 is gedaan door de Stichting Promotie Meubelplein en de vergunning van 23 mei 2000 is verleend aan de Stichting Promotie Meubelplein. Het gebruik van deze winkels was geregeld in het bestemmingsplan "Elisabethhof" waarin de gronden de bestemming "Meubeltoonzalen-B(mt)" hadden. Deze gronden zijn bestemd voor meubeltoonzalen. In dat bestemmingsplan zijn gebruiksbepalingen opgenomen inhoudende dat het verboden is de in het plan aanwezige gronden te gebruiken voor doeleinden welke in strijd zijn met de bestemming. Ten aanzien van het bebouwingspercentage stelt de raad zich op het standpunt dat het bouwvlak krachtens het bestemmingsplan "Elisabethhof" kleiner was en dat alleen het feitelijk bebouwde deel voor 100% mocht worden bebouwd. Volgens de raad zijn twee winkels die volgens de vergunning uit twee verdiepingen bestonden, gesplitst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ceaed00d0bcf12ebe8492ad4633dbb5ad65eb1581006b8c85fa10d439b4c502. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ceaed00d0bcf12ebe8492ad4633dbb5ad65eb1581006b8c85fa10d439b4c502, en de alinea staat in dat document op bytes 24324 tot 25647.