Citaat | Raad van State 14 mei 2014

Alinea 53 Raad van State 14 mei 2014

Een alinea uit Raad van State 14 mei 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1739.

Dat de strafbare feiten in de privésfeer hebben plaatsgevonden en dat [appellant] zijn werk in de afgelopen jaren zonder incidenten heeft verricht, heeft de minister in redelijkheid onvoldoende kunnen achten om geen risico voor de veiligheid van de burgerluchtvaart aanwezig te achten. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat [appellant] zich bij herhaling schuldig heeft gemaakt aan mishandeling en dat het laatste geval van mishandeling ten tijde van de besluitvorming van de minister recent was. Voorts wordt in aanmerking genomen dat de aan [appellant] opgelegde straffen volgens het beleid van de minister als zware straffen moeten worden aangemerkt. Volgens de toelichting bij de Beleidsregel justitiële gegevens veiligheidsonderzoeken worden een vrijheidsstraf van ten minste 20 dagen en een taakstraf van ten minste 40 uur als zware straffen aangemerkt, waarbij geen onderscheid wordt gemaakt tussen voorwaardelijke en onvoorwaardelijke straffen. Hoewel die beleidsregel volgens artikel 1, derde lid, niet van toepassing is op vertrouwensfuncties in de burgerluchtvaart, volgt de minister bij dergelijke vertrouwensfuncties eenzelfde gedragslijn. Onder verwijzing naar voormelde uitspraak van de Afdeling van 19 augustus 2009 wordt die gedragslijn niet onredelijk geacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9ed66cf07b265d84ae9858621079f56058cb71dc7db63e86e643efe41e66b89. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9ed66cf07b265d84ae9858621079f56058cb71dc7db63e86e643efe41e66b89, en de alinea staat in dat document op bytes 14529 tot 15823.