Citaat | Raad van State 29 januari 2014

Alinea 32 Raad van State 29 januari 2014

Een alinea uit Raad van State 29 januari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:188.

4.3.1. Bij toepassing van de in 4.3. genoemde termijnen blijft de vaste rechtspraak van de Afdeling gelden dat de ingewikkeldheid van de zaak, de wijze waarop de zaak door het bestuursorgaan en de rechter is behandeld en het processuele gedrag van appellant gedurende de gehele procesgang onder omstandigheden aanleiding kunnen geven overschrijding van de als uitgangspunt gehanteerde termijnen gerechtvaardigd te achten (bijvoorbeeld uitspraken van de Afdeling van 24 december 2008 in zaak nr.200802629/1; www.raadvanstate.nl, het College van Beroep voor het bedrijfsleven van 25 juni 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BJ2560; de Centrale Raad van Beroep van 14 december 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BY6202 en de Hoge Raad van 22 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AO9006). Zo kan het inschakelen van een deskundige door een bestuursorgaan of de rechter er onder omstandigheden toe leiden dat overschrijding van de termijn die een procedure in beginsel ten hoogste mag duren gerechtvaardigd is. Daarbij speelt een rol of het inschakelen van een deskundige redelijk was en of daarmee niet onredelijk veel tijd gemoeid is geweest. Ook de omstandigheid dat sprake is van een groot aantal bezwaarmakers tegen een besluit kan aanleiding geven overschrijding van de als uitgangspunt gehanteerde termijnen gerechtvaardigd te achten. Dat geldt eveneens in gevallen waarin het in procedures over eenzelfde problematiek, gelet op de bijzondere omstandigheden van het geval, redelijk moet worden geacht dat het bestuursorgaan of de rechter uit overwegingen van procedurele efficiëntie de behandeling van de zaak aanhoudt in afwachting van de uitkomst in één of een beperkt aantal andere zaken en redelijkerwijs te verwachten is dat de uitkomst daarvan relevant zal zijn voor de beslissing in de aangehouden zaken. Indien de zaak of zaken waarvan de uitkomst wordt afgewacht aanhangig is of zijn bij de nationale rechter, zal deze die dan wel binnen een redelijke termijn moeten afhandelen. Nadat de beslissing is genomen in de zaak of zaken waarvan de uitkomst is afgewacht, zullen de zaken die in afwachting daarvan zijn aangehouden bovendien voortvarend moeten worden afgedaan. Zie onder meer de arresten van het EHRM van 19 oktober 2006, Arsov tegen de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, nr. 44208/02, 15 februari 2007, Kirsten tegen Duitsland, nr. 19124/02 en 25 september 2008, Savov e.a. tegen de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, nr. 12582/03 (www.echr.coe.int).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a907902946ed872369687ca98b76ea4a5f93429993f2c5123e7eb90e0f5e44e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a907902946ed872369687ca98b76ea4a5f93429993f2c5123e7eb90e0f5e44e, en de alinea staat in dat document op bytes 20180 tot 22659.