Citaat | Raad van State 29 januari 2014
Alinea 51 Raad van State 29 januari 2014
Een alinea uit Raad van State 29 januari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:188.
4.9. Sedert de ontvangst door de minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie van het bezwaarschrift van [appellanten] op 30 januari 2006 tegen het besluit van die datum, waren ten tijde van de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage, nevenzittingsplaats ’s-Hertogenbosch, van 20 januari 2012 bijna zes jaar verstreken. Dit betekent dat de termijn die voor zaken die uit een bezwaarschriftprocedure en één rechterlijke instantie bestaan in het algemeen als redelijk wordt beschouwd, is overschreden met bijna drie jaar. Uit het in 4.8.4. overwogene volgt dat er aanleiding is om in dit geval ruim twee maanden van deze overschrijding gerechtvaardigd te achten, zodat de redelijke termijn in deze zaak met in totaal twee jaar en ruim negen maanden is overschreden. Uitgaande van een tarief van € 500,00 per half jaar dat de redelijke termijn is overschreden, waarbij het totaal van de overschrijding naar boven wordt afgerond, brengt dit mee dat recht bestaat op € 3.000,00 schadevergoeding per persoon.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a907902946ed872369687ca98b76ea4a5f93429993f2c5123e7eb90e0f5e44e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a907902946ed872369687ca98b76ea4a5f93429993f2c5123e7eb90e0f5e44e, en de alinea staat in dat document op bytes 43358 tot 44386.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0a907902946ed872369687ca98b76ea4a5f93429993f2c5123e7eb90e0f5e44e | shasum -a 256