Citaat | Raad van State 4 juni 2014
Alinea 48 Raad van State 4 juni 2014
Een alinea uit Raad van State 4 juni 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1993.
[appellant] voert ten slotte aan dat de rechtbank heeft miskend dat het Quatro-onderzoek dat is uitgevoerd door de politie ten onrechte aan de besluitvorming ten grondslag is gelegd. Volgens hem kunnen de processen-verbaal met informatie van de Criminele Inlichtingen Eenheid (hierna: CIE) niet als bewijsmiddel worden gebruikt. De verklaring van de informant staat haaks op de verklaring van [persoon] bij de rechtbank. [persoon] is evenwel door de politie niet ondervraagd over de coffeeshop, zodat de burgemeester ernstig te kort is geschoten in zijn onderzoeksplicht. Voorts heeft de burgemeester zich volgens [appellant] ten onrechte gebaseerd op een proces-verbaal van 19 december 2011. Dat proces-verbaal biedt, zoals de Adviescommissie Bezwaarschriften terecht heeft gesteld, onvoldoende aanknopingspunten om tot het oordeel te komen dat er een verandering van omstandigheden is op grond waarvan intrekking van de vergunning noodzakelijk was vanwege het belang ter bescherming waarvan de vergunning is vereist, aldus [appellant].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a69c170cce210c75531ab2957f0f351300d0ca0848ce368011e75d17e8c3b394. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a69c170cce210c75531ab2957f0f351300d0ca0848ce368011e75d17e8c3b394, en de alinea staat in dat document op bytes 15074 tot 16124.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a69c170cce210c75531ab2957f0f351300d0ca0848ce368011e75d17e8c3b394 | shasum -a 256