Citaat | Raad van State 4 juni 2014

Alinea 55 Raad van State 4 juni 2014

Een alinea uit Raad van State 4 juni 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1993.

Voor zover [appellant] heeft betoogd dat de rechtbank heeft miskend dat de politiemutatie van 7 februari 2011 ten onrechte aan de besluitvorming ten grondslag is gelegd, heeft de rechtbank daarin terecht geen aanleiding gezien voor een andersluidend oordeel. Daartoe wordt overwogen dat bij de beoordeling van de mate van gevaar als bedoeld in artikel 3, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet bibob feiten en omstandigheden mogen worden betrokken die erop wijzen of redelijkerwijs doen vermoeden dat de betrokkene in relatie staat tot de strafbare feiten. Het kan derhalve gaan om strafbare feiten waarvan niet in rechte is vastgesteld dat en door wie zij zijn gepleegd. Wel dient aannemelijk te zijn dat de strafbare feiten zijn gepleegd. De rechtbank heeft terecht overwogen dat de mutatie van 7 februari 2011 voldoende concrete aanwijzingen bevat voor het vermoeden dat [appellant] in relatie staat tot de in de mutatie vermelde hennepkwekerij. Nu deze omstandigheid doet vermoeden dat [appellant] in relatie staat tot de strafbare feiten heeft de burgemeester deze mutatie aan de besluitvorming ten grondslag mogen leggen. Dat in het bestuursrecht niet dezelfde waarborgen gelden als in het strafrecht doet daar niet aan af. Voor het oordeel dat, zoals [appellant] heeft aangevoerd, het beginsel van hoor en wederhoor is geschonden, bestaat geen grond, nu hij in de gelegenheid is gesteld zienswijzen naar voren te brengen alvorens het besluit van 22 december 2012 werd genomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a69c170cce210c75531ab2957f0f351300d0ca0848ce368011e75d17e8c3b394. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a69c170cce210c75531ab2957f0f351300d0ca0848ce368011e75d17e8c3b394, en de alinea staat in dat document op bytes 24389 tot 25888.