Citaat | Raad van State 4 juni 2014

Alinea 58 Raad van State 4 juni 2014

Een alinea uit Raad van State 4 juni 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1993.

4. [appellant] betoogt voorts dat de rechtbank heeft miskend dat in de Wet bibob ten onrechte geen tijdsbegrenzing is aangebracht, waardoor geen terugkijktermijn geldt. Hij verwijst in dat verband naar de verstrekking van verklaringen omtrent het gedrag waarbij wel een terugkijktermijn geldt en stelt dat analoog daaraan geredeneerd kan worden dat ook in de Wet bibob een tijdsbegrenzing moet worden gelezen van vijf jaar. Omdat de Wet bibob geen tijdsbegrenzing heeft, wordt zijn strafrechtelijke veroordeling van 24 januari 2000 nu ten grondslag gelegd aan de besluitvorming, terwijl die geruime tijd geleden is uitgesproken, aldus [appellant].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a69c170cce210c75531ab2957f0f351300d0ca0848ce368011e75d17e8c3b394. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a69c170cce210c75531ab2957f0f351300d0ca0848ce368011e75d17e8c3b394, en de alinea staat in dat document op bytes 27374 tot 28034.