Citaat | Raad van State 18 juni 2014
Alinea 32 Raad van State 18 juni 2014
Een alinea uit Raad van State 18 juni 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2213.
4. De rechtbank heeft overwogen dat tussen partijen niet in geschil is dat [appellant] niet voldoet aan de voorwaarden die de HVV stelt om in aanmerking te komen voor een urgentieverklaring. Voorts heeft zij overwogen dat de weigering een urgentieverklaring te verlenen niet in strijd is met artikel 8 van het EVRM. Ten tijde van het besluit van 5 april 2013 stond nog niet vast dat de ouders hun verantwoordelijkheid voor de huisvesting van de kinderen niet konden of wilden nemen. Aangezien die verantwoordelijkheid primair bij de ouders ligt, bestond voor het college geen verplichting de kinderen te beschermen en daarvoor maatregelen te treffen. De rechtbank wijst in dit verband op het arrest van de Hoge Raad van 21 september 2012; ECLI:NL:HR:2012:BW5328. Er was dan ook geen aanleiding [appellant] door middel van een urgentieverklaring voorrang te verlenen boven andere woningzoekenden, aldus de rechtbank.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6256c6102762a373a74bce99d56e7d07aa770b2545813d7093253a0b4ec805ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6256c6102762a373a74bce99d56e7d07aa770b2545813d7093253a0b4ec805ac, en de alinea staat in dat document op bytes 9629 tot 10557.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6256c6102762a373a74bce99d56e7d07aa770b2545813d7093253a0b4ec805ac | shasum -a 256