Citaat | Raad van State 23 juni 2014

Alinea 271 Raad van State 23 juni 2014

Een alinea uit Raad van State 23 juni 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2260.

Gelet op het voorgaande acht ik het dus niet noodzakelijk dat de overheid - zoals het geval was bij de Stichting Silicose en wordt geëist bij de Stichting Waarborgfonds Kinderopvang - zich in de praktijk zou moeten bemoeien met de beoordeling van de merites van elk individueel geval. Voor deze individuele beoordeling wordt nu juist de rechtspersoon ingeschakeld. Natuurlijk moet de overheid wel - zoals dat geldt voor de besteding van alle belastinggelden - effectief toezicht kunnen houden op de besteding van haar middelen door de rechtspersoon, en moet zij zich daartoe in de relatie met de rechtspersoon de noodzakelijke middelen verschaffen. Doet zij dat niet (of houdt zij in de praktijk onvoldoende toezicht), dan betekent dat - wat mij betreft - niet dat daardoor de inhoudelijke band schade lijdt. Ik zie althans niet in waarom dit nalaten door de overheid negatieve repercussies zou moeten hebben voor de rechtsbescherming van de burger.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1815b4de818709b72d7a9463b3f4608aeb998b86ed64a490939e00f248fbfa14. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1815b4de818709b72d7a9463b3f4608aeb998b86ed64a490939e00f248fbfa14, en de alinea staat in dat document op bytes 193044 tot 194011.