Citaat | Raad van State 25 juni 2014

Alinea 35 Raad van State 25 juni 2014

Een alinea uit Raad van State 25 juni 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2308.

1.2. Vast staat dat in december 2011 een vergunning van rechtswege is ontstaan. Bij brief van 2 mei 2012 heeft het college [appellant] medegedeeld dat hem van rechtswege vergunning is verleend. De rechtbank heeft niet onderkend dat dit besluit alleen tot [appellant] is gericht en derhalve alleen aan hem bekendgemaakt diende te worden overeenkomstig het bepaalde in artikel 3:41, eerste lid, van de Awb. Nu het college bij brief van 2 mei 2012 heeft bekendgemaakt dat van rechtswege omgevingsvergunning is verleend, is de termijn van zes weken voor het indienen van een bezwaarschrift, als bedoeld in artikel 6:7 en 6:8, eerste lid, van de Awb, op 3 mei 2012 aangevangen. Dat het college niet binnen de termijn van twee weken, als bedoeld in artikel 4:20c van de Awb, heeft bekendgemaakt dat van rechtswege vergunning is verleend en daarvan mededeling heeft gedaan, brengt niet mee dat - in afwijking van de Awb - een ander tijdstip voor aanvang van de bezwaartermijn heeft te gelden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0faae579e66b5f4afe8ac4d29ba4e6bc5dab2d9bc123955e5b7f0ac59f56dd9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0faae579e66b5f4afe8ac4d29ba4e6bc5dab2d9bc123955e5b7f0ac59f56dd9e, en de alinea staat in dat document op bytes 11547 tot 12545.