Citaat | Raad van State 25 juni 2014

Alinea 44 Raad van State 25 juni 2014

Een alinea uit Raad van State 25 juni 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2348.

Het college voert in de tweede plaats aan dat ingeval de verplichting geen doelgebonden verplichting als bedoeld in artikel 4:38 van de Awb betreft, de verplichting voldoet aan artikel 4:39 van de Awb. Volgens het college heeft de verplichting betrekking op de wijze waarop of de middelen waarmee de gesubsidieerde activiteit wordt verricht. Uit de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 4:39 van de Awb blijkt dat dit vereiste aldus moet worden uitgelegd dat de verplichting wel enig verband moet houden met de gesubsidieerde activiteit. In dit geval is daaraan voldaan, nu artikel 16, tweede lid, van de Asv ertoe strekt om geen onnodig dure middelen in te zetten bij het verrichten van de gesubsidieerde activiteit. Dat is geen misbruik van bevoegdheid en derhalve is voldaan aan artikel 4:39, tweede lid, van de Awb, aldus het college.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/edc5df2de572dc3bb6ca07e05457bf079e392ba28db1276513d29733dfc37a35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt edc5df2de572dc3bb6ca07e05457bf079e392ba28db1276513d29733dfc37a35, en de alinea staat in dat document op bytes 15001 tot 15861.