Citaat | Raad van State 16 juli 2014

Alinea 41 Raad van State 16 juli 2014

Een alinea uit Raad van State 16 juli 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2666.

9.2. Het college van dijkgraaf en hoogheemraden heeft niet aannemelijk gemaakt dat de boven de kleilaag gelegen sliblaag niet, zoals gedeputeerde staten stellen, tot de bodem behoort. Gedeputeerde staten hebben zich bovendien op grond van de hiervoor weergegeven motivering terecht op het standpunt gesteld dat, ook wat de onder de kleilaag gelegen bodem betreft, het college van dijkgraaf en hoogheemraden wist of redelijkerwijs had kunnen vermoeden dat de opslag van het met PFOS verontreinigde water in de bassins tot bodemverontreiniging kon leiden. Voor zover het college van dijkgraaf en hoogheemraden ter zitting nog naar voren heeft gebracht dat de eigenschappen van PFOS niet volledig bekend waren op het moment waarop tot de opslag werd overgegaan, overweegt de Afdeling dat aan die omstandigheid niet de door het college van dijkgraaf en hoogheemraden gewenste betekenis toekomt. Gegeven het feit dat op het moment dat werd overgegaan tot de opslag bekend was, dat PFOS een verontreinigende stof is en dat in vier van de vijf bassins geen afdekfolie lag, had het gestelde gebrek aan kennis over de eigenschappen van PFOS voor het college van dijkgraaf en hoogheemraden juist aanleiding moeten zijn om rekening te houden met de mogelijkheid van bodemverontreiniging.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/42744cd3884ab1dc53dccd80811d34b1da8438c9e1ad5970b1c7893bf3bca523. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 42744cd3884ab1dc53dccd80811d34b1da8438c9e1ad5970b1c7893bf3bca523, en de alinea staat in dat document op bytes 17427 tot 18716.