Citaat | Raad van State 6 augustus 2014
Alinea 26 Raad van State 6 augustus 2014
Een alinea uit Raad van State 6 augustus 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2947.
3. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de burgemeester zich op grond van de enkele aanwezigheid van een handelshoeveelheid softdrugs op het standpunt heeft mogen stellen dat die drugs bestemd waren voor verkoop, aflevering of verstrekking, als bedoeld in artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet, en de burgemeester derhalve bevoegd was om krachtens die bepaling bestuursdwang toe te passen. Daartoe wijst hij op een uitspraak van de rechtbank Haarlem van 4 december 2012 in zaak nr. 12/3337 (ECLI:NL:RBHAA:2012:BY5942), waarin de rechtbank heeft overwogen dat voor het ontstaan van die bevoegdheid vereist is dat er aanwijzingen zijn dat in of vanuit het desbetreffende pand drugs worden verkocht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c1e2b539a330a46a1e2c63aaa91efa915767761022dc712ec9408528ce172030. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c1e2b539a330a46a1e2c63aaa91efa915767761022dc712ec9408528ce172030, en de alinea staat in dat document op bytes 8306 tot 9051.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c1e2b539a330a46a1e2c63aaa91efa915767761022dc712ec9408528ce172030 | shasum -a 256