Citaat | Raad van State 20 augustus 2014

Alinea 37 Raad van State 20 augustus 2014

Een alinea uit Raad van State 20 augustus 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3097.

5.1. Bij beantwoording van de vraag of zich in een concreet geval een overtreding heeft voorgedaan, geldt, gelet op de waarborgen die voortvloeien uit artikel 6, tweede lid, van het EVRM, als uitgangspunt dat op het bestuursorgaan de bewijslast rust van een overtreding. In geval van twijfel dient aan de betrokkene het voordeel van de twijfel te worden gegund (vergelijk overweging 4.8.3 van het arrest van de Hoge Raad van 15 april 2011 in zaak nr. 09/03075, ECLI:NL:HR:2011:BN6324).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ce20b41fa0631ddf1f4d25a8a4110a82cfe0a8926701075f0424bd0cd16c801. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ce20b41fa0631ddf1f4d25a8a4110a82cfe0a8926701075f0424bd0cd16c801, en de alinea staat in dat document op bytes 14250 tot 14748.