Citaat | Raad van State 15 januari 2014
Alinea 25 Raad van State 15 januari 2014
Een alinea uit Raad van State 15 januari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:32.
2. Het college betoogt dat de voorzieningenrechter ten onrechte heeft overwogen dat het college het in te vorderen bedrag had moeten matigen. Door aldus te overwegen, heeft de voorzieningenrechter volgens het college miskend dat de beslissing van het college om tot invordering van het gehele bedrag over te gaan, terughoudend moet worden getoetst. Voorts voert het aan dat de voorzieningenrechter ten onrechte de last heeft opgesplitst in vier onderdelen omdat er maar één last is opgelegd te weten dat de sanering overeenkomstig de voorschriften van de Bouwverordening dient plaats te vinden. Ten slotte voert het aan dat, voor zover de uitleg van de voorzieningenrechter moet worden gevolgd, onduidelijk is of de sanering overeenkomstig de voorschriften van de Bouwverordening heeft plaatsgevonden. Er heeft namelijk geen controle tijdens de sloopwerkzaamheden kunnen plaatsvinden, aldus het college. Bovendien is het gedeeltelijk voldoen aan de last geen bijzondere omstandigheid op grond waarvan het college gedeelte van invordering had moeten afzien.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72dbf15dc044ea297c635f8cdc918c49e2849c3d0eab3629da28cfbeed6357ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72dbf15dc044ea297c635f8cdc918c49e2849c3d0eab3629da28cfbeed6357ab, en de alinea staat in dat document op bytes 9094 tot 10165.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/72dbf15dc044ea297c635f8cdc918c49e2849c3d0eab3629da28cfbeed6357ab | shasum -a 256