Citaat | Raad van State 8 oktober 2014

Alinea 129 Raad van State 8 oktober 2014

Een alinea uit Raad van State 8 oktober 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3602.

27. Prisma en ASR voeren in dit verband allereerst aan dat artikel 9 van de Verordening wegens onverbindendheid buiten toepassing dient te worden gelaten, omdat zij onevenredig worden benadeeld door een strikte toepassing van die bepaling. Prisma en ASR stellen dat zij aanzienlijke schade lijden doordat grootschalige perifere detailhandel in het plangebied door het bestreden besluit onmogelijk wordt gemaakt. Zij stellen dat zij reeds concrete plannen hadden gemaakt en investeringen hadden gedaan in verband met de ontwikkeling van perifere detailhandel op bedrijventerrein Prisma. Daarnaast stellen Prisma en ASR dat zij inkomsten derven, omdat de huurders die zij al hadden gevonden zich niet meer op het bedrijventerrein kunnen vestigen. Volgens hen heeft het college bij het nemen van het bestreden besluit onvoldoende rekening gehouden met hun belangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efd4a334473225001330a3cd8ebec7c90762e76c60a0a3856df2a0651189e956. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efd4a334473225001330a3cd8ebec7c90762e76c60a0a3856df2a0651189e956, en de alinea staat in dat document op bytes 45819 tot 46694.