Citaat | Raad van State 8 oktober 2014

Alinea 151 Raad van State 8 oktober 2014

Een alinea uit Raad van State 8 oktober 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3602.

De Afdeling ziet voorts geen grond voor het oordeel dat het college onvoldoende rekening heeft gehouden met de door de raad genoemde aspecten. Uit hetgeen hiervoor onder 28.1 is overwogen, volgt dat het college zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het provinciale belang vereist dat reeds bij de vaststelling van het plan aan de Verordening wordt voldaan. De nadere voorwaarden in de afwijkingsregels doen daaraan niet af. Daarnaast kan aan de omstandigheid dat het vorige plan al een vrijstellingsmogelijkheid voor perifere detailhandel bevatte geen doorslaggevend gewicht toekomen. Daarbij is met name van belang dat de aangewezen opvanglocaties voor perifere detailhandel al sinds 2007 bekend zijn. Bovendien is nooit een aanvraag om toepassing van de vrijstellingsbevoegdheid ingediend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efd4a334473225001330a3cd8ebec7c90762e76c60a0a3856df2a0651189e956. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efd4a334473225001330a3cd8ebec7c90762e76c60a0a3856df2a0651189e956, en de alinea staat in dat document op bytes 61176 tot 62005.