Citaat | Raad van State 8 oktober 2014
Alinea 27 Raad van State 8 oktober 2014
Een alinea uit Raad van State 8 oktober 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3635.
2.3. Anders dan de rechtbank, is de Afdeling van oordeel dat het college geen grond heeft hoeven zien de overtreding als van geringe aard en ernst aan te merken en dat handhavend optreden in de vorm van het opleggen van een last onder dwangsom in dit geval niet onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen belangen. Dat ter plaatse ook na realisering van de aanbouw een ruime tuin overblijft en dat derden niet om handhaving hebben verzocht, kan het oordeel van de rechtbank niet dragen. De Afdeling acht van belang dat het bouwwerk, zoals het college heeft gesteld, afbreuk doet aan de uitgangspunten van het bestemmingsplan, mede in aanmerking genomen dat de volgens het bestemmingsplan maximaal toegestane diepte met ruim 16% wordt overschreden, en dat het bouwwerk is bedoeld om duurzaam ter plaatse te blijven en, zoals hiervoor is overwogen, geen concreet zicht op legalisering aanwezig is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fb6fa733286314d7be2ec354170a400e27069d4d1fe987f6a6ba4f6f279271cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fb6fa733286314d7be2ec354170a400e27069d4d1fe987f6a6ba4f6f279271cc, en de alinea staat in dat document op bytes 10743 tot 11662.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fb6fa733286314d7be2ec354170a400e27069d4d1fe987f6a6ba4f6f279271cc | shasum -a 256