Citaat | Raad van State 5 november 2014
Alinea 39 Raad van State 5 november 2014
Een alinea uit Raad van State 5 november 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3941.
7. De burgemeester betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat hij bij de hantering van zijn bevoegdheid beschikt over een grote mate van beleidsvrijheid en dat de rechtbank de daarbij horende terughoudende toets te buiten is gegaan. Zo stelt de rechtbank ten onrechte dat met name in geval van aan drugshandel gerelateerde overlast vanuit een woning sprake is van een zodanig ernstig geval dat dit afwijking van de uit de wetsgeschiedenis volgende lijn rechtvaardigt. Volgens de burgemeester heeft de rechtbank niet onderkend dat in artikel 13b van de Opiumwet, in tegenstelling tot artikel 174a van de Gemeentewet, juist niet wordt uitgegaan van het aan de orde zijn van een overlastsituatie. Uit het beleid van de burgemeester volgt dat in een situatie als deze, waarin een handelshoeveelheid drugs wordt aangetroffen in een woning in beginsel tot sluiting wordt overgegaan tenzij er wordt geoordeeld dat kan worden volstaan met een waarschuwing. Hij heeft gemotiveerd waarom hier niet met een waarschuwing is volstaan, zodat de sluiting past binnen zijn beleid, dat door de Afdeling eerder niet onredelijk is geoordeeld, aldus de burgemeester.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d9726fe0f36a738b32c6f9228dcea00f0335bd843dcb1f7a0c54bdeeea7bbf90. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d9726fe0f36a738b32c6f9228dcea00f0335bd843dcb1f7a0c54bdeeea7bbf90, en de alinea staat in dat document op bytes 17798 tot 18957.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d9726fe0f36a738b32c6f9228dcea00f0335bd843dcb1f7a0c54bdeeea7bbf90 | shasum -a 256