Citaat | Raad van State 12 november 2014

Alinea 29 Raad van State 12 november 2014

Een alinea uit Raad van State 12 november 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4024.

2.1. Blijkens de door [wederpartij] overgelegde afschriften van de verzendadministratie van de rechtbank is in die verzendadministratie geregistreerd dat de aangevallen uitspraak op 6 februari en nogmaals op 22 februari 2013 aangetekend is verzonden aan de staatssecretaris. In het rechtbankdossier bevinden zich echter alleen een aanbiedingsbrief van 6 februari 2013, geadresseerd aan de gemachtigde van [wederpartij], en twee aanbiedingsbrieven van 6 februari 2013, geadresseerd aan de gemachtigde van de gemeente, mr. Besselink, voornoemd. Voorts bevindt zich in het rechtbankdossier een aanbiedingsbrief van 22 februari 2013, geadresseerd aan de staatssecretaris. Gelet hierop moet het ervoor worden gehouden dat de aangevallen uitspraak eerst bij brief van 22 februari 2013 aangetekend is verzonden aan de staatssecretaris. Ingevolge artikel 6:7, gelezen in samenhang met artikel 6:8, eerste lid en artikel 6:24 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb), is de termijn voor het instellen van hoger beroep voor de staatssecretaris aangevangen op 23 februari 2013 en geëindigd op 6 april 2013. Nu de Afdeling het hogerberoepschrift op 28 maart 2013 heeft ontvangen, is het tijdig ingediend en is het hoger beroep ontvankelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/acecaa8376296da6da27d5c5284101a2f33c383054d1a1f07f505d38fc63e816. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt acecaa8376296da6da27d5c5284101a2f33c383054d1a1f07f505d38fc63e816, en de alinea staat in dat document op bytes 9507 tot 10759.