Citaat | Raad van State 12 november 2014

Alinea 164 Raad van State 12 november 2014

Een alinea uit Raad van State 12 november 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4074.

21.5. Met behulp van modelberekeningen is in het memo van Anteagroup voor drie situaties de depositiebijdrage van de verschillende bronnen bepaald voor de Natura 2000-gebieden Westerschelde & Saeftinghe, Schelde- en Durme estuarium, Brabantse Wal en De Zoom & Kalmhoutse Heide. Bij de berekeningen is uitgegaan van het rekenprogramma OPS Pro 4.4.3. van het RIVM. Geconcludeerd wordt dat in de inrichtingsperiode de bijdrage aan de depositie van stikstof op de voornoemde Natura 2000-gebieden in de aanlegfase zal afnemen ten opzichte van het huidige landbouwgebruik. Vanaf het moment dat de landbouwactiviteiten worden beëindigd, treedt derhalve een verbetering op. Na de inrichtingsperiode die maximaal enkele jaren duurt, zal de stikstofdepositie nog verder afnemen totdat er in de eindsituatie nagenoeg geen sprake zal zijn van stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f293fe081eb27ea13a52dc734c545a3345b12583f423dab11ca206c0a4dbce31. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f293fe081eb27ea13a52dc734c545a3345b12583f423dab11ca206c0a4dbce31, en de alinea staat in dat document op bytes 96881 tot 97779.