Citaat | Raad van State 12 november 2014
Alinea 153 Raad van State 12 november 2014
Een alinea uit Raad van State 12 november 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4116.
In zijn annotatie onder de uitspraak in de AB stelt P.J.J. van Buuren dat hij het door de Afdeling geïntroduceerde systeem onhandig vindt,<i>(zie noot 64)</i> omdat de aspirant-bouwer en het bestuursorgaan aldus nog geen zekerheid hebben over de juistheid van het bestuurlijke rechtsoordeel. Naar zijn opvatting zou in het geval derden tegen het rechtsoordeel willen opkomen, maar de bezwaartermijn inmiddels verstreken is, de "mogelijkheid van een verschoonbare termijnoverschrijding (art. 6:11 Awb) uitkomst bieden". Op dit punt kom ik in punt 4.32 terug. Wel kan nog worden opgemerkt dat de Afdeling in een uitspraak van 14 juli 2004 mogelijk van haar opvatting is teruggekomen.<i>(zie noot 65)</i> In die zaak gaat zij ervan uit dat een bestuurlijk rechtsoordeel dat als Awb-besluit kwalificeert wel in rechte onaantastbaar wordt, als daartegen geen rechtsmiddelen zijn aangewend. Artikel 43 Ww is in 2010 vervallen.<i>(zie noot 66)</i>
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ac3e3eec0d929ef1013d7f7c84d5f83070d94005b926e9aecb9db993a3417d67. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ac3e3eec0d929ef1013d7f7c84d5f83070d94005b926e9aecb9db993a3417d67, en de alinea staat in dat document op bytes 93513 tot 94503.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ac3e3eec0d929ef1013d7f7c84d5f83070d94005b926e9aecb9db993a3417d67 | shasum -a 256